Minister van Bijsterveldt is duidelijk: ambtenaren van de burgerlijke stand mogen het trouwen van homostellen blijven weigeren, als zij in de knoop komen met hun geweten.
De uitspraken van de minister zorgden vandaag voor veel verontwaardiging op het internet. Vooral leden van linkse oppositiepartijen uitte hun ongenoegen. Vergelijkingen met de middeleeuwen en Oeganda, dat soort zaken. Alhoewel ik heb grotendeels eens ben met de standpunten van deze mensen, erger ik me aan de ongenuanceerde toon van veel van deze opinionisten. Als het aan veel mensen ligt, worden weigerambtenaren vandaag de laan nog uitgestuurd. ‘Ze voeren hun werk maar gewoon uit, en anders rotten ze maar op’, wordt er geschreeuwd.
Pardon? Iemand zomaar op straat zetten, sinds wanneer is dat normaal in Nederland? Ik dacht dat wij in een land leefden waarin we alles overlegden en ervoor zorgden dat de directe betrokkenen in ieder geval even tijd hadden om rustig te wennen aan de veranderingen. Liever nog: we zouden zorgen dat de betrokkenen helemaal geen slachtoffer zouden zijn. Zijn de mensen die schreeuwen immers niet dezelfde mensen die staatssecretaris Zijlstra heftig bekritiseerden omdat zijn rigoreuze bezuinigingsplannen op de studiefinanciëring geen overgangsregeling bevatte, en hij dus ‘halverwege het spel de regels veranderde’? Zijn het niet dezelfde mensen die moord en brand schreeuwden toen kunstinstellingen ineens een belachelijk korte tijd kregen om een groot deel van hun inkomsten via een andere weg te vergaren dan via subsidie?
Ik schreeuwde ook moord en brand, toen bij de studiefinanciëring en de kunst – ik wil best inzien dat bezuinigen nodig is, maar zonder enige overgangsregeling snijden is oneerlijk en onbehoorlijk. In deze discussie schreeuw ik ook moord en brand, al geruime tijd, omdat ik ook van mening ben dat de aanwezigheid van weigerambtenaren gewoon niet hoort in onze moderne maatschappij. Als ambtenaar heb je maar gewoon de wet uit te voeren, wordt er gezegd, en ja, dat vind ik ook. Dat toestaan misschien pragmatisch is, dat maakt mij niet uit. Het principe van gelijkheid is belangrijker.
Echter, waarom wordt er deze discussie niet gesproken over een overgangsregeling? Waarom mogen de regels voor huidige studenten niet halverwege hun studie veranderen, maar mag dit voor ambtenaren tijdens hun carrière niet? Van de ene op de andere dag een ambtenaar niet meer toestaan iets te doen wat hij al jaren wel mag, en hem daarmee dwingen een andere baan te zoeken, is net zo goed oneerlijk en onbehoorlijk!
De weigerambtenaren-kwestie schreeuwt om een overgangsregeling. Weigerambtenaren zijn wat mij betreft ook niet meer van deze tijd, maar mensen zomaar op straat zetten is dat net zo goed niet. Waarom zeggen we niet gewoon met z’n allen dat nieuw aan te nemen ambtenaren elk huwelijk moeten sluiten, en dat de ‘oude weigeraars’ gewoon mogen blijven weigeren? Dan wordt niemand slachtoffer, maar raken we wel automatisch van het probleem af. Een win-win-situatie, toch?
Dit stuk is ook verschenen op Joop.nl:
http://www.joop.nl/opinies/detail/artikel/weigerambtenaren_kwestie_schreeuwt_om_een_overgangsregeling/
Vind ik leuk:
Wees de eerste om post te waarderen.
Het homohuwelijk is natuurlijk geen nieuw verschijnsel. We zitten al ruim 10 jaar in een “overgangsperiode”, of hoe je het wil noemen. Maar als we het homohuwelijk tot een volwaardig huwelijk willen maken, en ik vind dat we dat moeten willen, dan passen dit soort uitzonderingen voor trouwambtenaren daar niet bij. Daarmee zou worden onderstreept dat het “ongewone” huwelijken zijn. Volgens mij hoeft de wetgever discriminatie niet te faciliteren en passen weigerambtenaren niet in een geemancipeerd land als Nederland.
Dat het homohuwelijk al ruim 10 jaar bestaat, klopt, maar dat ambtenaren niet meer mogen weigeren, dat bestond nog niet. Als dat wel gaat bestaan, is een overgangsregeling nodig, want mensen zomaar op straat gooien hoort niet.
Willem, mee eens dat nieuwe trouwambtenaren niet mogen weigeren en ook dat oud-gedienden (let wel: begonnen vóór 2001) enige souplesse verdienen, waarbij wel een eindatum in zicht moet komen. Bijvoorbeeld 2016, als de openstelling van huwelijk voor mensen van gelijk geslacht al 15 jaar een feit is. En uiteraard moet in elke gemeente de mogelijkheid bestaan voor iedereen (ook homo’s) om te kunnen trouwen! Dat zul je met me eens zijn. Dat zou een extra argument onder je betoog kunnen zijn om nu nog (tijdelijk nog) enige souplesse te beiden aan de oud-gedienden met bezwaren.